martes, 9 de diciembre de 2008

Uitstap naar Sevilla – Viaje a Sevilla (deel 2 – parte 2)

Zaterdagochtend in Sevilla begon al vroeg met het ontbijt om half 10 (wat misschien niet zo vroeg lijkt, maar meestal eindigt de dag pas rond 2-3u en voor de zogenaamde siesta is er vaak geen tijd). Daarna gingen we de stad verkennen met een lokale gids die ons wat meer vertelde over de belangrijkste monumenten.

Eén van die monumenten was de “Catedral”, een kathedraal dus. Ik moet eerlijk zijn dat ik plots een flashback kreeg naar de bos- en zeeklassen toen we samen de kathedraal binnenstapten, waarbij de gids de juffrouw was van ons klasje. Saaie gebouwen bezoeken met een erg ‘interessante’ geschiedenis die ik waarschijnlijk volgende week toch alweer ben vergeten. Maar ik was ook niet naar Sevilla gekomen om alles oud en vervelend te vinden en gelukkig kregen we de tijd vrij om alles te bekijken, dus heb ik geprobeerd alles op mijn manier interessant te vinden. Zo kwam ik voorbeeld te weten dat in deze kathedraal de resten van Christoffel Colombus zouden liggen, wat toch eens leuk is om te weten als je op school altijd maar opnieuw moet leren wie hij is. Daarnaast is deze kathedraal de grootse gothische kerk ter wereld, dus je kon er maar blijven in rondwandelen en om elke hoek iets iets nieuws ontdekken om te’ bewonderen’.

Wat dan wel plezant was aan de Kathedraal was de Giralda beklimmen. De Giralda is de bijna 100meter hoge klokkentoren van de kathedraal en heeft geen trappen , maar hellende gangen zodat men vroeger te paard naar boven kon. Wat men dan eigenlijk met hun paarden op die hoogte ging gaan doen, is me nog steeds een raadsel. De beklimming zelf is niet zo saai als je zou denken omdat er constant gigantische openingen in de gangen zijn. Vanuit die ramen komen er sterke windvlagen om je wakker te schudden moest je eventueel al verveeld raken en bovendien heb je een prachtig uitzicht over de hele stad (aangezien de helling rond het gebouw loopt, heb je een uitzicht van alle 4 de kanten) . Eens je volledig boven bent, wordt je zeker beloond voor de sportieve inspanning (hum hum) want dan pas zie je dat je via de openingen in de muur eigenlijk telkens maar een tipje van de sluier zag. Zeker de moeite waard!

Na de kathedraal hebben “el Barrio de Santa Cruz” bezocht, een vroeger joodse wijk met allemaal smalle kleine straatjes, een doolhof eigenlijk. Hier vind je de meeste bars en restaurants (niet onbelangrijk als je die avond wilt uitgaan!) Dit was voor mij persoonlijk wel leuk om te zien, omdat we in de lessen van ‘Middeleeuwse geschiedenis van Spanje’ het vaak hebben over de invloed van de moren in Spanje en de juderías (joodse wijken). In deze barrio en in Sevilla in het algemeen eigenlijk, zie je heel veel invloeden van de Moren, wat een heel anders straatbeeld oplevert. De afbeelding hiernaast is een foto van een typsiche Sevillanse binnenplaats, met een fontein in het midden om je te verfrissen tijdens de hete zomer, de kenmerkende appelsienboom (daar vertel ik later nog iets over) en de richels bezet met mozaieksteen, die niet alleen decoratief zijn, maar ook koel blijven.

Na al die monumenten te bezichtigen, begon ik toch uit te kijken naar de vrije zaterdagnamiddag om de winkelstraten onveilig te maken, maar eerst moesten we nog de “
Real Alcázar de Sevilla” bezoeken. Eigenlijk zag ik er tegenop want ik had mijn culturele limiet van die dag wel bereikt, maar achteraf was ik blij dat we dit toch ook nog hadden bezocht.

Bij het binnenkomen werd ik aangenaam verrast door de zon die op mijn gezicht scheen, wat natuurlijk niets te maken heeft met de “ Real Alcázar”, maar ’t is toch een belangrijk detail! De voorgevel van het gebouw verbergt goed wat er binnen te zien is en dat vond ik eigenlijk wel merkwaardig. Ik kan nu wel vertellen wat er binnen te zien was, en dat zal ik ook doen natuurlijk, maar ik wil eerst zeggen dat ik denk dat je deze plaats zelf moet bezoeken en zelf moet zien om volledig te begrijpen wat ik bedoel. Dus probeer zoveel mogelijk je verbeelding te gebruiken bij mijn beschrijving als je Real Alcázar nog niet hebt bezocht.

Het Real Alcázar is een koninklijk paleis met een wirwar verschillende gangetjes, diverse kamers en een verzameling van gigantische exotische tuinen en wordt vaak vergeleken met het Alhambra in Granada. Zowel de Moren als de Christenen heersten in deze streek en dat zie je in de verschillende bouwstijlen. De Christenen hebben de kunst en de bouwstijl van de Moren echter niet vernietigd, zoals dat vaak gebeurde op andere plaatsen in Spanje. De ruimtes zijn rijkelijk versierd met mozaiek in verschillende kleuren, kenmerkend voor de Moren. Hoewel deze kamers prachtig zijn, hebben vooral de tuinen in het Alcazar een indruk achtergelaten (misschien opnieuw door het mooie weer).

De tuinen zijn verrassend groot met eindeloze weggetjes en verborgen plekjes. Voor de natuurliefhebbers zijn er ook talloze verschillende bomen, struiken en prachtige bloemen. Hoewel hier heel wat mensen rondliepen kan je in deze tuinen gemakkelijk heerlijk verloren lopen. Ik laat de foto’s voor zich spreken...

En nu de anekdote over de appelsienboom! De appelsienboom zie je overal in Sevilla langs de straten , maar laat je niet vangen want er zijn blijkbaar twee soorten: de bittere en de zoete appelsien. Je kan gemakkelijk het onderscheid maken aan de hand van het aantal de bladeren van de boom. De bittere appelsienboom zie je het meeste in Sevilla en kan je herkennen aan het dubbele blad , terwijl de zoete appelsienboom maar één blad heeft. Alleen de zoete appelsien zijn echt lekker, want hoewel de bittere appelsien niet giftig is, wordt die niet gegeten. Dus je kan best niet zomaar een appelsien plukken en die beginnen opeten zonder eerst naar de bladeren van de boom te kijken. De bittere appelsienboom is dan toch compleet nutteloos zou je misschien denken, maar die appelsienen worden gebruikt in o.a. medicijnen en de Franse likeur
Cointreau.

Het vervolg in het volgende artikel!


La mañana de sábado ya empezó temprano con el desayuno a las nueve y media (lo que tal vez no parezca tan temprano, pero el día suele terminarse entre las dos o tres y para la siesta muchas veces no hay tiempo). Después fuimos descubrir la ciudad con una guía que no contó un poco más de los monumentos más importantes.

Uno de los monumentos era la “Catedral”. Tengo que confesar que de repente tuve un retroceso a los viajes escolares cuando entramos la catedral, donde la guía era la maestra de nuestra clase. Visitar edificios aburridos con una historia muy ‘interesante’, que probablemente ya lo había olvidado la semana que viene. Pero no había venido a Sevilla para encontrar todo viejo o aburrido y menos mal nos habían dado tiempo libre para ver a todo, por lo tanto intenté encontrar todo interesante de mi misma manera. Así aprendí que los restos de Cristóbal Colon presumiblemente se encuentran allí en esa catedral, lo que me ha gustado saber ya que siempre tenemos que aprender quien es ese hombre. Además la catedral es lo más grande catedral gótica del mundo, así que se puede seguir andando y encontrar cada vez otra cosa a ‘admirar’.

Lo que si me ha gustado mucho era subir la “Giralda”. La Giralda es el campanario de la catedral de casi cien metros de altura donde no hay escaleras, sino pasillos subidos para que antes la gente pudiera subir en caballo. Lo que se hacía con sus caballos arriba de la catedral, todavía sigue siendo un misterio. El subido en su mismo no es tan aburrido como parece porque hay agujeros gigantescos en los pasillos. Desde de estas ventanas hay ráfagas fuertes que te despiertan en caso de que ya te aburrías y además hay una vista maravillosa de la ciudad completa (ya que el subido gira por el edificio, hay una vista de todos los cuatro lados). Una vez arriba, estás recompensado por la esfuerza deportiva (hum hum) porque sólo ahora se vio que los agujeros de las paredes sólo descorrían el velo. Vale la pena!

Después el “Catedral” visitamos “el Barrio de Santa Cruz”, un barrio antiguamente judío con pequeñas calles estrechas, de hecho un labirinto. Aquí se encuentra la mayoría de los bares y restaurantes (¡lo que es importante si quieres salir esa noche!). Esto era muy divertido a ver para mí, porque en las clases de ‘Historia Medieval de España’ solemos hablar de las influencias de los moros en España y las juderías (barrios judíos).En este barrio, y de hecho en Sevilla en general, se ve muchas influencias de los moros, lo que resulta en una escena callejera muy distinta. La imagen más arriba es una foto de un patio típico sevillano, con una fuente en el centro para refrescarse durante el verano, el naranjo característico (de lo que hablaré más tarde) y listones ornados con mosaico, que no sólo son decorativos sino también quedan refrescos.

Después de ver todos esos monumentos, empecé a esperar con impaciencia a la tarde para ir de tiendas, pero primero teníamos que visitar el “
Real Alcázar”. En realidad había llegado mi limite cultural de ese día, pero de después de todo me alegré que también hubimos visitado este monumento.

Al entrar fue sorprendida por el sol brillando en la cara, lo que de hecho no tiene nada que ver con el “Real Alcázar”, sin embargo, ¡es una detalle importante! La fachada del edificio esconde bien lo que hay dentro y eso lo encontré especial. Ahora puedo contar lo que había dentro, lo que voy hacer, pero primero quiero decir que opino que hay que visitar ese lugar tu mismo y verlo con tus propios ojos para comprender completamente lo que realmente quiero decir. Entonces, utiliza la imaginación si todavía no has visto el “Real Alcázar”.

El “Real Alcázar” es un palacio real con un labirinto de vías, habitaciones distintas y una colección de jardines exóticos y suele compararse con el Alhambra en Granada. Tanto los moros como los cristianos gobernaron en esta región y se nota en los diferentes estilos de construcción. Los cristianos, sin embargo, no destruyeron el arte y el estilo de construcción, lo que no suele ocurrir en otros lugares en España en aquella época. Los espacios son decorados con mosaico en distintos colores, un rasgo típico de los moros. Aunque las habitaciones fueron maravillosas, sobre todo los jardines en el Alcázar han dejado una impresión (tal vez de nuevo por el buen tiempo).

Los jardines son sorprendentemente grandes con paseos infinitivos y lugares escondidos. Para los que les gusta la naturaleza, hay numerosos árboles, plantas y flores bonitas. Aunque había mucha gente, no es difícil perderte y sentirte solo en estos jardines. Véase las fotos.

Y ahora del naranjo. En cualquier lugar en Sevilla hay naranjos, pero ten cuidado, porque hay dos tipos: el amarillo y el dulce. Es muy fácil distinguir uno del otro mirando las hojas del árbol. El naranjo amarillo, que en Sevilla se ve más que el dulce, se puede reconocer a la hoja dobla, mientras que el naranjo dulce tiene sólo una hoja. La verdad es que sólo las naranjas dulces saben bien, porque aunque no son venenosas las amarillas, no se lo come. El naranjo amarillo puede parecer completamente inútil, pero en realidad esas naranjas se utilizan para entre otro fabricar medicinas y el livor francés
Cointreau.

¡La secuencia en el próximo blog!

martes, 2 de diciembre de 2008

Uitstap naar Sevilla – Viaje a Sevilla (deel 1 – parte 1)

Dit weekend ben ik voor de eerste keer naar een andere Spaanse stad geweest sinds mijn verblijf hier in Alicante, De universiteit organiseert een aantal uitstappen naar de grootste en belangrijkste steden in Spanje en dit was een ideale gelegenheid om wat meer van het land te zien zonder veel te moeten regelen. De veplaatsing met bus, het hotel, de gids en enkele bezoeken waren inbegrepen in de prijs. De stad die ik heb bezocht is Sevilla. Normaalgezien zou ik samen met twee Finse meisjes vertrekken, maar zij wilden uiteindelijk liever niet gaan terwijl ik al had betaald voor de uitstap. Ik stond er dus plots alleen voor...

Ik ben meestal niet de meest sociale persoon als het aankomt op nieuwe mensen kennen, maar veel keuze had ik deze keer niet als ik het weekend niet alleen wou doorbrengen! Vrijdagochtend om 7u (veel te vroeg!!) vertrok ik dan maar naar de plaats waar de bus zou wachten, hopend dat er misschien toch iemand zou zijn die ik al kende. Toen ik opstapte was ik verrast hoe klein de bus en de groep was (ongeveer 25 mensen) en zag ik geen bekende gezichten.

De busrit naar Sevilla zou duren tot half 4 dus ik had tijd zat om kennis te maken met de andere mensen, maar de meeste bleken elkaar al te kennen en ik was eigenlijk nog erg moe. De eerste uren heb ik al slapend doorgebracht en daarna heb ik vooral naar buiten gekeken, muziek beluisterd en naar de films gekeken. Bij de eerste halte leerde ik iemand kennen die ook niemand anders bleek te kennen en bij de verdeling van de kamers besloten we om samen te slapen.

Na de aankomst in Sevilla hadden we de keuze om een boottocht te maken op de smalle rivier Guadalquivir, die door de stad loopt en zo een rondleiding geeft langs een aantal belangrijke gebouwen en bruggen. Al snel werd duidelijk dat Sevilla veel groter was dan Alicante en historisch veel meer te bieden had. Bovendien was er in ’92 de wereldtentoonstelling en dat er is wel nog steeds te merken.Slechts 7 mensen van de groep wilden de boottocht maken en bovendien waren er ook helemaaal geen wachtende toeristen. We zijn dan maar vertrokken met de boot die gemakkelijk 200 man kan vervoeren, met 7 passagiers (en de 2 begeleiders)...

De tocht was ongelooflijk koud aangezien we allemaal liever op de open tweede verdieping wilden zitten om alles goed te zien, maar het was uiteindelijk zeker de moeite waard. Terwijl we de rivier afvaarden, begon het te schemeren en op de bruggen en gebouwen begonnen langzaam de spots aan te springen, waardoor een gezellige sfeer ontstond (ondanks de koude!!).

Na de boottrip zijn we met bijna de volledige groep gaan eten in een Mexicaans restaurant. Daar moesten we heel lang wachten op ons eten en uiteindelijk bleken de porties heel klein. Bovendien kreeg iemand zijn gerecht nog eens bevroren geserveerd, waarvoor het restaurant zich verontschuldigde en zei dat het niet hoefde betaald te worden, maar toch op de rekening stond. Als we buiten kwamen was het goed aan het regenen en iedereen bleek iets anders te willen doen. Na wat geslenter door de stad zat dag 1 er eigenlijk op...


Este fin de semanas he visitado por primera vez otra ciudad española desde que estoy aquí en Alicante. La universidad organiza un número de viajes a las ciudades más grandes e importantes de España y fue la oportunidad ideal para ver un poco más del país sin que tuviera que arreglar mucho. El autobús, el hotel, el guía y algunas visitas fueron incluidos en el precio. Visité la ciudad de Sevilla. Normalmente iría con dos chicas finlandesas, pero por fin ellas prefirieron no ir mientras que yo ya había pagado por el viaje. De repente, estuve sola…

No suelo ser la persona más sociable en cuanto a conocer nueva gente, pero no tenía elección esta vez si no querría quedarme sola todo el fin de semanas. Viernes por la mañana a las siete (demasiado pronto!!) me fui al lugar donde nos esperaría el autobús, esperando que tal vez hubiera alguien que ya conocía. Cuando subí, me quedé sorprendido sobre el tamaño pequeño del autobús y del grupo (más o menos 25 personas) y no vi ninguna cara familiar.

El viaje en autobús tardaría hasta las tres y media, así que tenía mucho tiempo para conocer a la otra gente, pero la mayoría parecía ya conocer uno al otro y de hecho, yo estaba muy cansada. Las primeras horas las pasé durmiendo y después sobre todo miré fuera, escuché música y vi las películas. En la primera parada encontré a alguien que tampoco conocía a los demás y dividiendo los cuartos del hotel, decidimos compartir el mismo cuarto.

Después de llegar en Sevilla, pudimos ir en barco por el rio estrecho Guadalquivir, que cruza la ciudad, guiándonos por un número de edificios y puentes importantes. No tardó mucho para ver que Sevilla era una ciudad mas grande que Alicante y que ofrece mucho más en cuanto a historia. Además tuvo lugar la Exposición en '92 y todavía se nota. No más que siete personas del grupo quisieron hacerlo y además no había turistas esperando. Así que fuimos con el barco que seguramente es capaz de transportar 200 personas, con solo las siete personas (y los dos guías)…

Durante la excursión hacia muchísimo frio ya que todos prefirieron sentarnos en la planta segunda que es abierta, para que viéramos bien todo, pero valió la pena. Descendiendo el rio, empezó a anochecer y en los puentes y los edificios poco a poco encendieron luces, creando un ambiento muy agradable (a pesar del frio!!)

Después del viaje en barco, fuimos a comer con casi todo el grupo en un restaurante mexicano. Allí teníamos que esperar mucho tiempo hasta que no dieron la cena y las raciones fueron pequeñísimas. Además alguien recibió su cena parcialmente congelado, por lo que se disculpó restaurante, prometiendo que no tenía que ser pagado, pero con todo el restaurante lo imputó. ´cuando salimos del restaurante, estaba lloviendo mucho y todo el mundo querría hacer otra cosa. Después de callejeando por la ciudad, de hecho se terminó el primer día...

domingo, 23 de noviembre de 2008

Kunst en cultuur in Alicante - Arte y cultura en Alicante

Aangezien ik hier toch voor een bepaalde periode verblijf, voel ik me een beetje verplicht om ook over de culturele aspecten van de stad te spreken. Het kasteel “Castillo de Santa Barbara” is het eerste waaraan ik moet denken bij kunst en cultuur en dat komt waarschijnlijk omdat het kasteel heel erg opvalt in de sky line van Alicante. Bovendien is het ’s avonds prachtig verlicht.

Het kasteel is een geheel van verschillende gebouwen en verdedigingsmuren, gevestigd op een 166 meter hoge heuvel en is gebouwd op de resten van een vestiging gebouwd door de Moren eind 9de eeuw. Het gebouw werd verder uitgebreid ten tijde van de regeerperiode van Filips II en de uitbreidings- en verbouwingswerken bleven duren tot de 18de eeuw. Het is een van de grootste kastelen in het Middellandse Zeegebied en is daarom zeker de grootste blikvanger. Je kan het kasteel gemakkelijk bezoeken en de binnenkant bezichtigen. Er is zelfs een lift die je tot boven brengt.

Een tweede bezienswaardigheid hier in Alicante is de pittoreske wijk Santa Cruz. Het is een wijk met veel smalle straatjes en trapjes waar de meeste huizen wit zijn en rijkelijk versierd zijn met bloemen en sierlijke tegeltjes. Veel geschiedenis over deze wijk ken ik niet, maar het is simpelweg prachtig en dus het vermelden waard.

De Kathedraal van Sint Nicolaas is een monument dat ik zeker ook al vele keren heb gezien, omdat deze kathedraal zich vlakbij 'el barrio' bevindt. Diegenen die mijn blog goed opvolgen weten dat ‘el barrio’ dé uitgaansbuurt in Alicante is. Bovendien is er vlakbij de kathedraal ook een pittakot, dus je kan het je al inbeelden... Het gebouw is enkele jaren terug gerestaureerd en dat kan je goed zien, want het ziet er heel proper en vrij recent uit, hoewel het in 1875 werd gebouwd. Ik moet wel eerlijk zijn dat ik de kathedraal nog nooit aan de binnenkant heb gezien, maar iedereen beleeft cultuur op een andere manier.

Nog een belangrijke kerk is de Onze Lieve Vrouwekerk. Deze kerk werd gebouwd op de funderingen van een Moorse moskee. In Spanje zie je heel veel kerken die gebouwd zijn bovenop een moskee of moskeeën die sterke christelijke invloeden hebben en daar is een specifieke reden voor. De islamitsche moren hadden het Iberische eiland (Spanje + Portugal) op slechts enkele jaren veroverd en hun cultuur werd al snel ingeburgerd (Conquista). De christenen in Spanje wilden echter het land terug veroveren en dat gebeurde ook met de Reconquista. Na de christelijke Reconquista in Spanje, wat herovering betekent, probeerden de christenen zo veel mogelijk de sporen van de moren te wissen en opnieuw hun cultuur en religie te vestigen, door o.a. gewoon de kerken bovenop de moskeeën te bouwen.

Dit zijn zo wat de belangrijkste culturele bezienswaardigheden in Alicante, maar er zijn er zeker nog meer. Ik wou enkel deze opnoemen die in mijn dagelijkse leven vaak opduiken of bijna niet te missen zijn als je hier woont.



Ya que me quedo aquí para algunos meses, me siento un poco obligada de también hablar sobre los aspectos culturales de la ciudad. La Castilla de Santa Bárbara es lo primero que me viene a la mente cuando pienso en arte y cultura y es probablemente porque la castilla es lo que más llama la atención en la vista de la ciudad. Además es iluminado de una manera espléndida por la noche.

La castilla es un conjunto de edificios y muros defensivos distintos, establecida en una colina de 166 metros y está construida sobre los restos de un establecimiento moro del fin del siglo IX. La castilla fue extendida durante el dominio de Felipe II y las obras siguieron tardar hasta el siglo XVII. Es una de las castillas más grandes del área mediterránea y es por eso ciertamente el espejuelo más grande. Se puede visitar la castilla muy fácil y ver el lado interior. Incluso hay un ascensor que te lleva hasta arriba.

Un segundo lugar de interés aquí en Alicante es el barrio pintoresco de Santa Cruz. Es un barrio con muchas calles estrechas y escaleras donde la mayoría de las casa son pintadas blancas y son decoradas de una manera abundante con flores y azulejos elegantes. No conozco mucha historia sobre este barrio, pero es que sencillamente es muy maravilloso y por eso vale la pena mencionarlo.

La catedral de San Nicolás de Bari es un monumento que ya he visto muchas veces, como la catedral se encuentra muy cerca de ’el barrio’. Los que han seguido bien mi blog ya saben que ‘el barrio’ es un barrio en Alicante donde se encuentran los restaurantes, cines, bares, etc. Además se vende panes de kebab muy cerca, así que ya lo puedes imaginarte… El edificio fue restaurado hace unos años y se nota muy bien, porque parece muy limpio y bastante reciente, aunque fue construido en 1875. Tengo que confesar que nunca he visto el edificio por el lado interior, pero supongo que cada uno experimenta la cultura de una manera distinta.

Otra iglesia importante es la de Santa María. Esta iglesia fue construida en los cimientos de una mezquita mora. En España hay muchas iglesias que fueron edificadas encima de una mezquita o mezquitas que son afectadas mucho por el cristianismo y hay una razón específica. Los moros islamitas habían conquistado la península ibérica en solo unos años y no tardó mucho tiempo para que su cultura se integrara. Los cristianos, sin embargo, quisieron reconquistar el país y lo hicieron. Después de la Reconquista los cristianos intentaron borrar las huellas de los moros lo más que posible y volver a establecer su cultura y religión, por ejemplo construyendo encima de las mezquitas.

Éstas son más o menos las atracciones más importantes de Alicante, pero seguro que hay más. Yo sólo querría enumerar las que aparecen mucho en mi vida cotidiana o las que se nota si vives aquí.

De ene klimatologische verbazing na de andere - Una sopresa climatológica trae la otra

Ik weet dat ik al eens heb geschreven over het mooie weer in Alicante, maar ondertussen is het al eind november en de zon blijft maar schijnen! Enkele weken geleden was het wel wat ‘slecht weer’, wat dus betekent dat het afkoelt tot 15°, dat het bewolkt kan zijn en dat het soms regent. Maar de hele maand november is het al letterlijk en figuurlijk schitterend weer geweest. Elke dag word ik wakker met de zon hoog aan de blauwe hemel en meestal blijft dat ook de hele dag zo duren... Het is natuurlijk geen zomer meer, maar dit weekend ben ik toch nog eens naar het strand geweest. Ik moet toegeven, om te zwemmen was het wel te koud (21°) maar om gezellig op het strand te liggen in een T-shirt was het de perfecte temperatuur! Hoewel het strand niet bomvol toeristen lag, is de foto links het bewijs dat ik zeker niet alleen was om van de (misschien laatste) zonnestralen te genieten.

Als ik dan hoor wat voor een weer het in België is, moet dat land wel aan de andere kant van de wereld liggen! België is immers nu niet bepaald hét land van de koude, maar als ik de actualiteit volg, krijg ik al snel een ander idee: verschillende sportevenementen zijn afgelast door de weersomstandigheden, op de radio spreekt men over zware verkeersproblemen door de sneeuw- en windoverlast en er wordt zelfs aangeraden niet op de weg te komen als dat niet nodig is. Zelfs het luchtverkeer in Charleroi is erg verstoord, want het sneeuwt!! (De foto onderaan is van de tuin bij mij thuis in België) Een kleine vergelijking volgens de weersvoorspellingen van Google:
Alicante: 21°
Actueel: Onbewolkt
Wind: ZO - 7 km/h
Luchtvochtigheid: 26%
Gent: 0°

Actueel: Overwegend bewolkt
Wind: N - 13 km/h
Luchtvochtigheid: 96%

Hoewel ik nu blij ben dat ik nog steeds in het warme(re) Spanje zit, kijk ik er al naar uit om terug te keren naar België in de kerstvakantie en sneeuwgevechten te houden!


Ya lo sé que antes ya he escrito sobre el tiempo bonito en Alicante, pero entre tanto ya somos al final de noviembre y ¡el sol sigue brillando! Hace unas semanas si hizo ‘mal tiempo’, lo que en realidad significa que refresca hasta 15°, que existe la posibilidad de nubes y que a veces llueve. Sin embargo, todo el mes de noviembre ha sido, tanto literal como figurado, brillante. Cada día me despierto y el sol está alto en un cielo azul y la mayoría de las veces, sigue así por el resto del día… Claro que ya no es verano, no obstante, este fin de semanas he ido a la playa. Confieso que para bañarme hacía demasiado frio, ¡pero para quedarse en la playa en camiseta era la temperatura perfecta! Aunque no había turistas hasta los topes en la playa, la foto en el principio del artículo es la prueba de que absolutamente no estuve sola para disfrutar de los (tal vez últimos) rayos de sol.


Cuando oigo qué tipo de tiempo hace en Bélgica, ¡debe de ser un país en el otro lado del mundo! Bélgica, de hecho, no es el país más frio, pero siguiendo la actualidad, voy pensando otra cosa: distintos eventos de deporte fueron cancelados a causa de los circunstancias del tiempo, en la radio se habla de severos problemas de tráfico y se aconseja no salir de su casa si no es necesario. Incluso el tráfico de aviones en Charleroi no transcurre suavemente, porque esta nevando!! (La foto a la izquierda es del jardín de mi casa en Bélgica.) Una pequeña comparación según los datos de Google:

Alicante: 21° - Actual: Despejado - Humedad del aire: 26%
Gante: 0° - Actual: Principalmente nublado con nieve - Humedad del aire: 96%

Aunque de momento me siento alegre que todavía estoy en el España (mas) caluroso, ¡ya tengo ganas para volver a Bélgica durante los vacaciones de navidad y tirar bolas de nieve!

miércoles, 5 de noviembre de 2008

Op tijd - En tiempo

Dit artikel is eigenlijk eerder een anekdote, maar toch onmisbaar in mijn verslag over mijn belevenissen in Spanje. Enkele dagen geleden ging ik op onderzoek uit welke televisiezenders we hier (op kot) nu eigenlijk hadden en of er iets interessants werd uitgezonden. Normaalgezien zit ik niet veel voor de tv, maar één keer ik iets begin te volgen, volg ik dan ook elke aflevering. Ik was dan ook aangenaam verbaasd wanneer ik zag dat er elke dinsdag een aflevering van het vijfde seizoen is van Grey’s Anatomy op “cuatro” werd uitgezonden ( het vierde seizoen is in België net afgelopen).

Natuurlijk zat ik nog steeds in Spanje en begon de uitzending pas om 22u15 (maar aan de late uurtjes ben ik ondertussen al gewend) en heet de serie Anatomía de Grey. Rond 22u installeerde ik me al gezellig voor de televisie en keek ik nog even naar het vorige programma. Na even kijken was het ondertussen toch al 22u15 geworden en moest er blijkbaar nog een tweede deel van het vorige programma worden uitgezonden na de reclame. De tv-freak in mij begon al te pannikeren dat ik de aflevering om één of andere reden had gemist, dat het op een andere dag was, dat het niet meer zou uitgezonden worden,enz... maar ik probeerde geduldig te zijn (daar ben ik slecht in) en keek ondertussen verder naar het vorige programma. Mijn kotgenoten, die me niet vaak voor de televisie zien zitten en al van te voren waren gewaarschuwd dat ik op dinsdagavond om 22u15 absoluut naar Grey’s Anatomy wou kijken, begonnen zich ook al af te vragen wat er aan de hand was.

Gelukkig bracht José de huisbaas al snel verduidelijk; “ Es que estamos en España, si está que empezará a las diez y cuarto, significa que empezará a las diez y medio. Eso es normal.” – “We zitten in Spanje, dus als er staat dat het begint om kwart over tien, dan betekent dat dat het zal beginnen rond half elf. Dat is normaal.” Spanjaarden hebben de reputatie om steeds te laat te komen, maar dat zelfs de televisiezenders (wat toch beschouwd wordt als een officiele instantie) het niet zo nauw nemen met het uur...



Este artículo es más bien una anécdota, sin embargo sigue siendo imprescindible en la crónica de mis viviencias en España. Hace unos días investigué cuales fueron los programas de televisión que tenemos aquí (en el piso) y si había algo interesante. Normalmente no suelo ver la televisión pero cuando sigo algo, quiero ver todos los epísodos. Así que me llevé una grata sorpresa, descubriendo que cada martes se emetía un epísodo de Grey’s Anatomy de la quinta temporada en “cuatro” (en Bélgica la temporada cuarto acaba de terminar).

Claro que todavía estaba en España y se emitió el programa no antes de las diez y cuarto (pero ya estoy acostumbrada a las altas horas) y la serie se llama Anatomía de Grey. Hacia las diez ya me acomodé delante de la televisión y miré el programa anterior. Después de un rato ya eramos las diez y media y parecía que todavía tenían que emitir la segunda parte del programa anterior después de la publicidad. A la aficionada de televisión dentro de mi ya empezó a entrarle pánico que hubo perdido la emisión, que se emitío en otro día o que ya no sería emitido, etc… pero intenté estar paciente (lo que no es una de mis características fuertes) y entretanto seguí mirando el programa anterior. Las coinquilinas, que no suelen verme delante de la televisión y que ya fueron advertidas de ante mano que yo quería ver Grey’s Anatomy martes por la noche a las diez y cuarto, también empezaron a preguntarse qué pasó.

Suerte que José el dueño clarificó; “ Es que estamos en España, si está que empezará a las diez y cuarto, significa que empezará hacia las diez y medio. Eso es normal.” Los españoles ya tienen la reputación de siempre llegar tarde, pero que incluso las emisoras (que de hecho son instancias oficiales) toman las cosas a la ligera en cuanto a la hora…

jueves, 23 de octubre de 2008

Boodschappen doen - Ir de compras

Als we in België boodschappen moeten doen, dan gaan de meeste mensen naar de grote winkelketens zoals Carrefour, Colruyt, Delhaize, Aldi, enz. In die winkels vinden we wel alles wat we in het dagelijkse leven nodig hebben en anders springen we wel eens binnen bij een kruidenier of een speciaalzaak. In het centrum van de steden is er ook wel eens markt voor verse groenten en fruit, maar over het algemeen zijn het enkel de mensen die in de stad wonen die naar dit soort markten gaan. Die markten vallen op een vaste dag in de week en lopen af tegen het middaguur. (In Gent is het elke vrijdag van 7u30 tot 13u biomarkt op de Groentenmarkt en elke zondag van 7u30 tot 13u voedingsproductenmarkt op het Sint-Michielsplein, meer info: http://www.gent.be/eCache/THE/2/042.html)

Hier in Alicante is Mercadona dé supermarkt waar iedereen naartoe gaat. Het is een Spaanse winkelketen opgericht in 1981 met de zetel in Valencia en is de grootste supermarktketen in Spanje. De naam zou afkomstig zijn van het Valenciaans: merca komt voort van 'mercat' wat markt betekent, en dona betekent vrouw: de markt van de vrouw, dus. De producten zijn min of meer gelijkaardig aan de producten van de grote winkelketens in België, maar het aanbod is wel kleiner. Er worden ook meer typische Spaanse producten verkocht. Zo is er een groot aanbod in koeken en zoetigheden voor het ontbijt, grote variatie aan peulvruchten en hier in Alicante een vrij groot aanbod van verse vis.

Naast de Mercadona is er ook de Mercado Central. De Mercado Central is een gebouw uit 1921 in de Avendida Alfonso X el Sabio dat me direct deed denken aan de overdekte markt op de Ramblas van Barcelona. Het is een grote markt van 2 verdiepingen die alle dagen, behalve zon- en feestdagen, open is vanaf 8u tot 15u.

Op de gelijkvloersverdieping vind je enerzijds de markt van verse vis en schaaldieren waar er ongeveer een 40tal kraampjes staan, met elke een eigen aanbod. Daarnaast heb je ook een markt met verse groenten en fruit, waar je vooral groenten en fruit van het seizoen zal vinden, maar ook groeten en fruit van buiten het seizoen, maar dan aan een iets hogere prijs. Daar kan je zelf uitkiezen wat je wilt, hoeveel je wilt en welk stuk fruit of groente je wilt, aangezien je alles zelf moet nemen en in zakjes steken. (Als je dus liever die iets groenere banaan wilt, dan neem je die gewoon.) Op de eerste verdieping heb je dan vooral kraampjes waar ze brood verkopen en kraampjes waar ze vlees en charcuterie verkopen. Je kan er zeker van zijn dat je hier verse producten kan kopen en meestal wel aan een goede prijs. Bovendien is het gewoon plezant om eens op een andere manier inkopen te doen.


Cuando vamos de compras en Bélgica, la mayoría de la gente va a las cadenas grandes como Carrefour, Colruyt, Delhaize, Aldi, etc. En esas tiendas normalmente encontramos todo lo que necesitamos en la vida diaria y sino, pasamos por el espiciero o una tienda especializada. En el centro de las ciudades a veces hay mercado de verduras y frutas frescas, pero en general sólo la gente que vive en la ciudad va a este tipo de mercados. Eses mercados suelen caer en un día fija de la semana y terminan hacia el mediodía. (En Gante hay mercado de productos bio el viernes desde las 7u30 hasta la 13u en el Groentenmarkt y mercado de alimentos el domingo también desde desde las 7u30 hasta la 13u, para más información: http://www.gent.be/eCache/THE/2/042.html)

Aquí en Alicante el supermercado por excelencia se llama Mercadona. Es una cadena española fundido en 1981 que sede en Valencia y es la cadena de supermercados más grande de España. El nombre sería de orígen valenciano: merca deriva de ‘mercat’, lo que signifca mercado, y dona significa mujer, es decir, mercado de la mujer. Los productos son más o menos similares a los de las cadenas en Bélgica, pero la oferta es más modesta. También se vende más productos típicos españoles. Por ejemplo, hay una gran oferta de galletas y dulces para el desayuno, una gran variedad de legumbres y aquí en Alicante también una oferta bastante grande de pescado fresco.

Además del Mercadona, hay el Mercado Central. El Mercado Central es un edificio de 1921 en la Avendida Alfonso X el Sabio, que directamente me hizo pensar en el mercado cubierto en las Ramblas en Barcelona. Es un gran mercado de 2 plantas que está abierto todos los días de las 8h hasta las 3h, except en domingo y festivos. En la planta baja hay por un lado el mercado de pescado y crustáceos frescos, donde se encuentra más o menos 40 puestos, cada uno con su propia oferta. También hay un mercado de verduras y fruta frescas, donde sobre todo se encontrará verduras y fruta de la temporada, pero también otras verduras y frutas, a un precio un poco más alto. Allí, puedes elegir tú mismo lo que quieres, cuanto quieres y que pieza de fruta o verdura que quieres exactamente, porque tienes que poner todo en bolsitas tú mismo. (Si prefieres el plátano un poco más verde, lo tomas.) En la primera planta sobre todo hay puestos en los que se vende pan o puestos en los que se vende carne y embutidos. Seguro que aquí encuentras productos frescos y suele venderse a un buen precio. Además es divertido ir de compras de una manera distinta.

miércoles, 22 de octubre de 2008

Het studentenleven – La vida de un estudiante

Eén van de eerste dagen dat ik in Spanje was, moest ik me aanmelden op de campus van de universiteit om me te registeren en het papierwerk in gang te zetten. Al snel werd het duidelijk dat deze campus wat anders was dan wat ik gewoon was in België. Dat de campus veel groter zou zijn omdat alle faculteiten samen zitten (57departementen, 11 faculteiten heb ik me laten vertellen), wist ik al, maar dat ik een plannetje nodig zou hebben om gewoon tot aan het secretariaat te geraken verbaasde me toch wat.

Nadat het idee was doorgedrongen dat deze campus zowat 10x groter moest zijn dan de campus van het ene departement waar ik alle dagen naar school ga, viel het me ook op hoe mooi de campus was. Bij ons in België staat het gebouw op 5 minuten wandelafstand van het Sint-Pietersstation en dus eigenlijk bijna midden in het centrum van Gent. Veel plaats voor extraatjes is er dus niet. Dat is nu net wat de campus van de universiteit in Alicante wél heeft: plaats.

De hele campus ziet er heel strak en georganiseerd uit met een rooster van ruime wandelpadden. Tussen de gebouwen en wandelpadden is er een overvloed aan grasperken, tuintjes, fonteinen en aangelegde vijvers. Deze tuinen worden dagelijks onderhouden en zien er dus altijd piekfijn in orde uit. De tuinen zijn niet alleen aangenaam om naar te kijken (palmbomen en andere exotische planten die bij ons niet groeien), maar rond het middaguur (wat hier in Spanje rond 2u-3u is) worden alle schaduwplekjes onder de bomen gebruikt voor een korte siesta of gewoon om gezellig buiten te zitten. Zeker een plezante afwisseling met de campussen in België!


En uno de los primeros días que estaba en España, tuvo que presentarme al campus de la universidad para matricularme. No tardó mucho tiempo para que sea claro que este campus era otra cosa de a que estaba acostumbrada en Bélgica. Que el campus sería mas grande porque hay todas las facultades (57 departamentos, 11 facultades alguien me ha dicho) ya lo sabía, pero que necesitaría un mapa para encontrar el pabellón de alumno, eso me sorprendió.

Después de que me di cuenta de que este campus debía de ser más o menos diez veces más grande del campus del departamento donde voy cada día, me llamó la atención que bonito era el campus. En Bélgica el edificio está a cinco minutes de andar de la estación Sint-Pieters y en realidad se encuentra casi en el centro de Gante. De ahí que no hay mucho espacio para extras. Pero eso es exactamente lo que tiene el campus de la u
niversidad de Alicante: espacio.

El conjunto del campus parece muy estrícto y bien organizado con el enrejado de caminos anchos. Entre los edificios y los caminos hay una abundancia de céspedes, jardines, fuentes y estaques. Se mantiene bien los jardines cada día y por lo tanto parecen meticulosamente arreglados. Los jardines no sólo son agradables para mirarlos (con palmas y otras plantas exóticas que no crecen en Bélgica), sino también sirven a los estudiantes a la hora de la comida, buscando un sitio a la sombra para una siesta cortita o simplemente charlando afuera. Para variar no está mal.

martes, 7 de octubre de 2008

Er valt altijd wel wat te beleven in Alicante - Siempre hay algo que hacer aquí en Alicante

In Alicante is het nooit dood, leeg of stil (soms tot grote ergernis van de mensen die 's nachts proberen te slapen of 's ochtends wat langer willen slapen). Zo heb je steevast de vuilniskar die hier langs mijn kot passeert tussen 2u30 en 3u, nachts!

Soms heb je ook gewoon mensen die in de midden van de nacht nog wakker zijn (niet per se tijdens het weekend) en gewoon hun leven leiden alsof het overdag is. Willen ze bijvoorbeeld wat door de straten crossen met de luidste uitlaat die ze konden vinden op hun semi-brommer-moto, dan zal niemand ze tegen houden. Of willen zij hun vrienden iets vertellen, die eigenlijk twee straten verder staan, zullen ze dat ook gewoon doen!

Maar een vaste slaper hoort daar helemaal niets van (of diegenen die oordopjes zijn gaan kopen) en droomt rustig verder tot... 'los gitanos' (de buren) naar vaste gewoonte rond 8u beginnen te spelen op de gitaar, soms al zingend en soms niet.

Dus of je nu wilt of niet, er is altijd wel lawaai, wat ook betekent dat er altijd wat is te beleven. De plaats bij uitstek daarvoor is 'el barrio', een wijk in Alicante waar enerzijds een heleboel restaurantjes zijn (de tafeltjes staan gewoon op straat rond de etensuren) en anderzijds de ene bar na de andere. Gelijk wat je muzieksmaak is, je vindt zeker een plekje naar je zin.

Uitgaan is in België is meestal duur (inkomprijs, drank,...) maar hier in Alicante hoeft dat niet noodzakelijk zo te zijn. De inkom is in de meeste bares gratis (je moet er al echte diegene uitpikken waar het net niet gratis is) en bovendien krijg je op straat talloze 'descuentos' (kortingen) aangeboden. Ofwel krijg je een kaartje voor gratis 'chupitos' (fluorescerende zoete drankjes waarvan ze beweren dat er alcohol in zit) ofwel krijg je gewoon korting t.w.v. 1€ bij je eerste drankje.
Moest je je dan nog niet welkom voelen, zijn er nog altijd de bares die zich richten op de Erasmusstudenten, met o.a. verwelkomsfeestjes en drank aan een studentenprijsje...

Siempre hay vida en Alicante (a veces con disgusto de la gente que intente dormir por la noche o que quiera dormir hasta tarde por la mañana). Así infalible pasa el camión de la basura por la calle en la que vivo, entre las dos y media y las tres, por la noche!

De vez en cuando simplemente hay gente que todavia esté despierta en plena noche (no siempre durante los fines de semana) y que lleve su vida como si sea de día. Si esa gente quiere por ejemplo ir a toda pastilla por las calles con un tubo de escape lo más ruidoso que posible, lo harán, o si quiere
charlar con sus amigos, que en realidad se encuentran dos calles más allá, nadie le impedirá.

Sin embargo, él que no tiene el sueño muy ligero (o él que ha comprado tapones de oído) no se oye nada y sigue soñando tranquilamente hasta que… los gitanos (los vecinos) empiezan a tocar la guitarra a las ocho, a veces cantando y a veces no.

Pues, si quieres o no, siempre hay ruido, lo que también significa que siempre hay algo que hacer. El lugar por excelencia por tal cual, es ‘el barrio’, un barrio en Alicante donde por una parte hay un montón de restaurantes (las mesitas simplemente están en las calles durante las horas de comer) y por otra hay un bar a lado del otro. Sea cual sea tu música preferida, seguro que encuentras un lugar que te gusta.
Salir en Bélgica suele ser algo bastante caro (la entrada, las bebidas,..) pero en Alicante no necesariamente es así.La entrada casi siempre es gratuita (a menos que hayas elegido el único bar en el que si tienes que pagar) y además se reparte númerosos ‘descuentos’ en las calles.

O recibas un papelito para los ‘chupitos’ gratuitos (un tipo de bebida dulce y fluorescente de la que se pretende que contenga alcohol) o se de un descuento de 1€ para la primera bebida.

En en caso en el que todavía no te sientes bienvenido, quedan los bares que se dirigen a los estudiantes Erasmus en particular, organizando fiestas de bienvenido y vendiendo las bebidas a un precio agradable para los estudiantes...


Het weer in Gent en Alicante - El tiempo en Gante y Alicante

Ik kan het maar niet geloven dat het oktober is als ik naar buiten kijk... De zon schijnt volop, er zijn geen wolken te zien (momenteel toch niet) en de temperatuur is meer dan aangenaam! Dit weekend ben ik zelfs nog met enkele vrienden naar het strand gegaan. Ik moet wel toegeven dat de ochtenden en avonden kil kunnen zijn, wat eigenlijk enkel betekent dat we een lange broek en trui moeten aantrekken.

Toch mag ik zeker niet klagen als ik even terugdenk aan België, want daar kan het in september wel nog even nazomeren, maar in oktober kan je best je jas en sjaal beginnen bovenhalen. Naast de koude, regent het ook veel meer in België dan in Alicante. Je zou voor minder verkouden raken. Tot mijn grote verbazing (en andere Noord-Europeanen), raken de Spanjaarden hier in Alicante langzaamaan ook verkouden. Wij blijven ons maar afvragen hoe dat mogelijk is zonder al die miezerige regen en zelfs nachttemperaturen boven de 15°. Misschien de airco? Of misschien hebben mensen in het algemeen simpelweg de gewoonte zich niet warm genoeg aan te kleden, hoe warm het ook is...


No puedo creer que es octubre cuando veo afuera... Hace sol, no hay nubes (de momento) y hay una temperatura muy agredable. Este fin de semana aún he ido a la playa con unos amigos. Debo confesar que por la mañana y por la noche puede ser bastante fresquito, lo que significa en realidad que necesitamos poner pantalones y jerséis.

Pero no tengo por qué quejarme cuando me acuerdo de Bélgica, porque allá a veces hace sol en septiembre, pero en octubre el verano termina definitivamente y es mejor que vayas a buscar la chaqueta y la bufanda. Además del frío, también llueve más en Bélgica que en Alicante. Así que casi es normal que la gente se resfríe. Me quedé muy sorprendida ( y también otros noreuropeos) viendo que la gente aquí en Alicante también se va a resfriarse. Seguimos preguntarnos cómo es posible sin la lluvia y siquiera temperaturas nocturnas encima de 15°. Tal vez sea la culpa de la aire acondionado? O tal vez la gente en general esté acostumbrada a no poner suficiente ropa, sea cual sea el tiempo…

sábado, 27 de septiembre de 2008

Waar ligt Alicante? - ¿Dónde está situado Alicante?

De regio Valencia, één van de 17 autonome regio's in Spanje, is onderverdeeld in drie provincies; Valencia, Castellon en Alicante. De zuidelijkste provincie Alicante ligt aan de Middellandse Zee aan de Costa Blanca. De hoofdstad Alicante ligt ongeveer 166km van Valencia, 422km van Madrid en 515km van Barcelona.

Voor meer informatie kan je altijd de site van Alicante raadplegen: http://www.alicante.es/ (in het Engels, Spaans en Valenciaans)

La región Valencia, una de las 17 comunidades autónomas en España, consta de tres provincias; Valencia,Castellon y Alicante. La provincia más al sur, Alicante, está en el Mediterráneo en la Costa Blanca. La capital Alicante se sitúa más o menos 166km de Valencia, 422km de Madrid y 515km de Barcelona.


Para más información puedes consultar el sitio de web de Alicante:
http://www.alicante.es/ (en inglés, español y valenciano)

Welkom - Bienvenido

In mijn eerste bericht wil ik iedereen welkom heten op mijn blog, die vooral zal gaan over wat hier in Spanje valt te beleven, over wat anders is dan in België of simpelweg over (ongelooflijke) interessante dingen...

Ik weet dat de blog een beetje met vertraging komt, maar aangezien ik voor het vak Informatica verplicht een blog moet aanmaken en daar dan ook geregeld berichten met foto- en videomateriaal moet op achterlaten, heb ik geen excuses meer om het nog langer uit te stellen!

Ik zal bovendien proberen om alle berichten zowel in het Nederlands als in het Spaans te schrijven (proberen!) zodat iedereen een beetje kan volgen.

Groetjes uit Spanje x x x



En mi primer mensaje quiero dar la bienvenida a todo el mundo en mi blog, que tratará sobre todo de lo que se puede hacer en España, de las costumbres diferentes de las en Bélgica o de cosas (muy muy) interesantes


Yo que este blog lleva retraso, pero ya que soy obligada a crear un blog para la asignatura Comunicación e Información en Internet y también a añadir mensajes con fotos o vídeos, ya no tengo excusas válidas para aplazarlo!

Además intentaré escribir todos los mensajes tanto en neerlandés como en español (intentar!) para que todo el mundo sea capaz seguir todo.

Besos desde España x x x